Lawaai
foto: re-projecting (Utrecht) Event 1,2 op FlickrGeen vakantie of er duikt ergens een probleem op van lawaaioverlast. Dit jaar was het niet anders. Het begon al voor de vakantie met een rechterlijke uitspraak over een kindercrèche.
In Brugge. Deze crèche organiseert zogenaamde flexibele kinderopvang. Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat, alle dagen van de week en alle dagen van het jaar. Het lijkt me dan ook echt niet abnormaal dat directe buren hiervan wel degelijk overlast hebben, temeer omdat dit zich elke dag opnieuw manifesteert. In dergelijke gevallen blijkt er echter weinig begrip te bestaan voor eventuele klager(s). Integendeel het zijn dan steevast ‘verzuurde onverdraagzamen’
Zo ook wanneer er klachten komen over lawaaioverlast in de buurt van speelpleinen. Dan krijg je ook al even steevast de verklaringen van ‘spelende kinderen maken géén lawaai’, of beter nog sommigen menen zelfs een wetsvoorstel te moeten maken, waaruit zou moet blijken dat het lawaai van spelende kinderen nooit als overlast kan worden beschouwd. Sta me toe : dat vind ik nu eens ‘zatte zever’ in het kwadraat. Eender welke vorm van lawaai kan als hinderlijk worden ervaren. Uiteraard is dat een ‘subjectief gevoel’, alhoewel er een duidelijke relatie bestaat tussen geluidsniveaus en ondervonden hinder. Maar daarbij is de bron van het lawaai niet bepalend, maar wel het geluidsniveau. Ik ‘romantiseer’ dus niet mee met hen die zeggen dat spelende kinderen geen lawaai maken. Elke papa of mama zal ook graag toegeven dat (hun) kinderen best wel wat lawaai kunnen maken. Dat lijkt me trouwens ook niet de essentiële discussie. Wel relevant is de vraag of het moet/mag kunnen dat spelende kinderen lawaai maken. Daarop zeg ik duidelijk en onomwonden : JA! Maar daarom niet altijd, overal en onbeperkt. Trouwens wanneer die kinderen bvb joelend in een klimtoren kruipen of met een bal spelen is dit veel minder hinderlijk dan wanneer enkele van die gasten met mekaar een ‘gesprek’ aangaan, maar dan wel 50meter van mekaar verwijderd.
Soms zoekt de overheid problemen inzake lawaaioverlast ook wel zelf op. Als voorbeeld neem ik het toegangsreglement van speelpleinen. Van zonsopgang tot zonsondergang. Plezant toch als je in de zomer rond 5u in de ochtend wordt gewekt door enkele joelende kinderen op het nabijgelegen speelplein?! Of nadat je een ganse dag een stressy-job hebt gedaan en je op je terras ’s avonds nog wat wil genieten, maar het lawaai op het speelplein blijft aanhouden tot bijna 23.00uur. Verzuurd en onverdraagzaam noemen ‘ze’ dat!
Of wanneer je als buurtbewoner ‘plots’ vaststelt dat er naast je deur speeltuigen worden geplaatst. Zonder enige vorm van overleg/inspraak. Als je, samen met de buurtwerking, het beleid bevraagd wat er allemaal te gebeuren staat en of dit in overleg kan is het antwoord : een brief aan de bewoners waarin de ‘voldongen feiten’ gewoon worden medegedeeld. Op die manier maak je uiteraard elke omliggende bewoner monddood en kan er zelfs niet gesproken worden over de wijze van inrichting, het voorzien van bvb enkele petanquebanen waardoor je een mengeling krijgt van gebruikers, die eveneens aansluit bij het bewonersprofiel en tegelijk een vorm van sociale controle.
Door deze ‘politiek’ jaag je bij voorbaat de mensen in de gordijnen. Dergelijke politiek is ook moordend voor een recent opgestart buurtwerk. Als gevolg van dit dictaat, werd de buurtwerking ‘on hold’ gezet. Met dank aan Dimitri Gevers, schepen van jeugd.
Dat het kan ook anders kan, bewezen de buurtbewoners van de Steenweg Op Gierle en Blairon. Meer hierover kan je lezen in de Gazet van Antwerpen. Maar dat is duidelijk van voor het ‘Gevers-tijdperk’